Fuerteventura met kinderen bij slecht weer: de dag die bijna nooit een regendag is
Bijgewerkt 6 september 2026 · 6 min leestijd
Wie voor vertrek een plan voor de regendag zoekt, bereidt zich voor op het verkeerde probleem. Op de luchthaven valt gemiddeld 98 millimeter neerslag per jaar, verdeeld over 15,7 dagen met minstens één millimeter – de klimaatnormalen van de Spaanse weerdienst AEMET voor 1981 tot 2010. Tussen juni en augustus staat er praktisch een nul. De dagen waarop een gezinsdag hier echt instort, laten in de weer-app een zonnetje zien.
De winddag is de meest voorkomende
Hij heeft geen waarschuwingskleur, alleen een getal naast de zon, en dat getal bepaalt of de strandochtend doorgaat. Wat opwaaiend zand op kniehoogte met een tweejarige doet, staat onder Fuerteventura met baby en Fuerteventura met peuter. Hier telt het gevolg: een stevige passaatdag kost je met kleine kinderen het strand, maar niet de dag.
Bij oudere kinderen draait het teken om. Deze wind is de reden dat hier zoveel scholen zitten: surflessen beginnen bij € 50, met een mediaan van € 54,15, en windsurfen en kitesurfen begint bij € 63,75, mediaan € 130. Een dag waarop de zesjarige huilt, is voor de twaalfjarige de beste van de week.
Calima is er vaak en is zelden zichtbaar
Saharastof hangt vaker boven de Canarische Eilanden dan je denkt, en je ziet er bijna niets van. Een analyse van de zichtwaarden op de luchthavens van 1980 tot 2022, gemaakt door AEMET en de Universidad de La Laguna, komt uit op ruim 24 zichtbare dagen per jaar; één episode duurt gemiddeld 1,8 dagen.
Ze verdelen zich over twee pieken, januari tot maart en juli tot september, waarachter twee heel verschillende weersituaties zitten. In de winter blijft het stof onder de twee kilometer, de hoogste concentratie zit bij de grond en de passaat is zwak – dat is de okerkleurige versie, met fijn zand op de balkontafel, in de huurauto en in de luiertas. In de zomer zweeft het in een opgetilde Saharalaag rond twee en een halve kilometer, terwijl de passaat eronder gewoon doorloopt: melkachtig licht, een gedempte zon, maar niet per se hitte.
Het zicht ligt daarbij gemiddeld tussen zeven en negen kilometer, terwijl het gele waarschuwingsniveau van AEMET pas onder de drie ingaat. Op 22 februari 2020 werd in Butihondo in het zuiden van het eiland 1.300 meter gemeten en vielen er op de luchthaven 48 vluchten uit – een uitzondering: in de 42 onderzochte jaren zakten 46 episodes onder de vijf kilometer zicht, en slechts vier daarvan haalden een stofintensiteitsindex boven de 10.
Een dag vooraf is het goed te zien aankomen. Het WMO Barcelona Dust Regional Center, gerund door AEMET en het Barcelona Supercomputing Center, publiceert op dust.aemet.es gratis stofverwachtingen voor 72 uur, en de Canarische regering kondigt per eiland een vooralarm voor calima af. Hoe sterk het wordt, voorspelt AEMET zelf liever niet. Vragen over stof, ogen en luchtwegen horen bij de apotheek ter plaatse of bij de kinderarts.
De deiningsdag: als de boot niet uitvaart
Deining en wind zijn niet hetzelfde. Het kan bijna windstil zijn en toch zo hoog lopen dat aanbieders het vertrek schrappen. Je kijkt dat de avond ervoor na via de maritieme verwachting van AEMET en het vooralarm voor kustverschijnselen.
Twee gevallen worden vaak door elkaar gehaald. Het eerste: jij zegt af. Bij verreweg de meeste tochten kan dat tot 24 uur van tevoren gratis, een regel van het platform die niets met het weer te maken heeft. Het tweede: de aanbieder zegt af, omdat de zee het niet toelaat. Dan krijg je meestal een vervangende datum aangeboden of je geld terug, ook bij boekingen die verder niet restitueerbaar zijn. Wat je niet vergoed krijgt, is alles eromheen – de rit naar Morro Jable, de hotelkamer, een halve vakantiedag. Wat je vooraf moet vragen, staat onder boottocht met kinderen; welke tochten er zijn, zie je bij de boottochten naar Isla de Lobos.
Een deiningsdag is bovendien de slechtste dag voor Ajuy aan de westkust. Het zwarte strand ligt open naar de Atlantische Oceaan, er is geen toezicht, zwemmen wordt er sowieso afgeraden, en op dagen met een waarschuwing is het pad naar de grotten al eens afgesloten geweest.
En als het dan toch regent
De regen valt bijna volledig in het winterhalfjaar. Volgens dezelfde AEMET-cijfers liggen twaalf van de 15,7 regendagen tussen november en maart, met december als natste maand op 3,2 dagen; juni en juli staan op nul.
Het verschil tussen noord en zuid is kleiner dan de vraag doet vermoeden – het eiland splitst zich eerder in laag en hoog. Gemiddeld over het eiland valt zo’n 140 tot 150 millimeter, op de vlakke kuststroken nauwelijks 100. Het meeste krijgen de kammen van het Jandía-massief in het uiterste zuiden, met de Pico de la Zarza op 807 meter, en van het Betancuria-massief in het midden van het eiland: 150 tot 250, volgens sommige opgaven tot 300 millimeter. Corralejo, Puerto del Rosario en de badplaatsen liggen in het droge deel.
En als het regent, dan zelden de hele dag, maar een half uur stevig. De barrancos voeren dan plotseling water en wegdekken door droge geulen staan blank. Voor de dagplanning betekent dat: afwachten wint van omgooien.
Wat er echt overdekt is
Weinig, en een deel van wat online staat, klopt niet. Fuerteventura heeft geen publieksaquarium; het grote Canarische aquarium staat op Gran Canaria. De laatste bioscoop van Puerto del Rosario, de Odeón, sloot in maart 2025 definitief, maar staat nog in gidsen. De Casa de los Coroneles in La Oliva is sinds 2022 dicht voor restauratie.
Wat er wel is: het Cabildo beheert zestien musea en bezoekerscentra. Het Museo del Queso Majorero in Antigua kost € 5, en € 3 voor kinderen onder de elf, dagelijks open, in het zomerhalfjaar van 10 tot 18 uur en in de winter van 9.30 tot 17.30 uur; de tentoonstelling ligt binnen rond een binnenplaats, de molen en de cactustuin buiten, en de kaasproeverij kost € 4 per persoon extra, koop je aan de kassa en is er dagelijks tussen 10 en 13 uur, zolang de voorraad strekt. Een combinatieticket van € 12,50 en € 7,50 dekt daarnaast het Museo de las Salinas del Carmen bij Caleta de Fuste en het molencentrum in Tiscamanita; los kosten die twee € 6 en € 3, en € 4 en € 2,50, waarbij Tiscamanita alleen van dinsdag tot en met zaterdag open is. Bij de zoutpannen ligt het interessantste deel, inclusief een walvisskelet, echter in de open lucht.
Gratis zijn het Museo Arqueológico in Betancuria en het Casa Museo Unamuno in Puerto del Rosario, allebei binnen en allebei met krappe openingstijden. Echt onder de grond is alleen de Cueva del Llano bij Villaverde, een lavatunnel van 650 meter – bij het Cabildo op dit moment vermeld als tijdelijk gesloten, net als de Mirador de Morro Velosa. Prijzen en openingsdagen veranderen vaak, dus kijk vooraf op museosfuerteventura.com.
De enige plek die een regenmiddag helemaal draagt, is het Centro Comercial Atlántico in Caleta de Fuste: zes bioscoopzalen, meestal Spaans nagesynchroniseerd en af en toe in de originele versie met Spaanse ondertiteling, plus zes bowlingbanen, op dinsdag € 4 per spel inclusief schoenen en in het weekend € 6 plus € 1 voor de schoenen. Las Rotondas in Puerto del Rosario is een gesloten, geklimatiseerd centrum op vier verdiepingen met een kinderspeelhoek. El Campanario in Corralejo is daarentegen een openluchtcomplex.
Oasis Wildlife bij La Lajita staat bij elke zoekopdracht bovenaan: € 41,50 voor volwassenen, € 27,50 voor kinderen van vier tot elf, 3.596 beoordelingen, 4,7 sterren. Maar het is een uitgestrekt buitenterrein – bij calima werkt het, bij regen word je nat. Meer aan land staat onder excursies op Fuerteventura.
Soms is de autodag het eerlijke antwoord
Als de wind staat, het stof hangt en er geen boot vaart, blijft de auto met tussenstops over. Een rondje door het midden van het eiland rijgt Antigua, Tiscamanita en Betancuria aaneen: van Antigua over de FV-20 naar Tiscamanita, zo’n tien minuten, dan verder via Tuineje en Pájara over de FV-30 naar Betancuria, eerder 35 tot 40 minuten, en terug via de rotonde van Valle de Santa Inés en de FV-416. Uitgerekend op een calimadag valt het uitzichtdeel weg.
Reken de afstanden eerlijk: tussen Corralejo en Morro Jable liggen zo’n 111 wegkilometers en ruim anderhalf uur per richting. Een autodag is hier een hele dag en geen opvulling, en wie in het zuiden zit, neemt de musea rond Antigua in plaats van de grot in het noorden. Wat er verder onderweg ligt, staat onder bezienswaardigheden op Fuerteventura.